Adriaan C. Schuurman
Adriaan C. Schuurman
De op 28 juli 1904 in Kampen geboren musicus
Adriaan C. Schuurman wordt wel als “de vader van het protestantse kerklied” beschouwd. Na zijn eindexamen gymnasium studeert hij van 1925 tot 1927 piano aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Ook volgt hij contrapuntlessen bij Johan Wagenaar. Daarna studeert
Adriaan C. Schuurman tot 1931 aan het Amsterdamsch Conservatorium orgel bij Cornelis de Wolf en contrapunt bij Sem Dresden. Als organist is Schuurman achtereenvolgens werkzaam in Schiedam, Lochem, Amersfoort en Den Haag. Tevens is hij dirigent van de Christelijke Oratorium Vereniging 'Laudate Dominum' te Voorburg. In 1969 neemt
Adriaan C. Schuurman afscheid als docent voor kerkmuzikale vakken aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag en in 1973 als docent contrapunt en kerkmuziek aan het Rotterdams Conservatorium.
Adriaan C. Schuurman is vooral bekend geworden door zijn kerkmuziek. Hij is betrokken bij zowel de Liedbundel van 1938 als bij het Liedboek voor de Kerken waaraan hij achttien van de 491 liederen bijdraagt. Naast een aantal orgelwerken, waarvan “Toccata, trio en fuga Psalm 150” het bekendste is, componeert Schuurman in 1981 een “Psalmen-cyclus” in opdracht van de Gereformeerde Organisten Vereniging, alsmede enkele oratoria. Hij overleed op 24 augustus 1998 in Den Haag.