T. Mateboer (1917-1989) werd geboren op 1 april 1917 in Genemuiden als derde van zeven kinderen van Johannes Mateboer en Jantje Schaapman. Vader Mateboer had een bedrijf waarin de vroeger welbekende Genemuider matten werden vervaardigd. In het streng reformatorische gezin groeiden de broers Aart, Evert en Jan op als voortzetters van het familiebedrijf (matten en tapijten). Gerrit en T. Mateboer studeerden voor onderwijzer en zus Geesje werd kleuteronderwijzeres. De jongste zoon Willem studeerde economie en was werkzaam in het bedrijfsleven en in het onderwijs. Niet alleen T. Mateboer had schrijverstalent; het schrijven van korte stukjes zat er ook bij de anderen wel in. Broer Jan schreef twee jongensboeken en Willem, de wetenschapper, schreef onder meer over de geschiedenis en taal van Genemuiden. Tiem bracht zijn jeugd door in het nijvere stadje Genemuiden, bekend van de Genemuider matten. Deze werden vervaardigd van de biezen uit de biesvelden ten westen van de stad. Na de Openbare Lagere School in Genemuiden ging Tiem naar de mulo in Zwartsluis. Een jaar later ging hij, samen met broer Gerrit, naar de kweekschool in Meppel. Toen deze met opheffing werd bedreigd zette T. Mateboer in 1935 zijn opleiding voort aan de onderwijzersopleiding in Zwolle. De dagelijkse gang naar school werd vanuit Genemuiden per fiets volbracht! In Zwolle slaagde T. Mateboer voor het onderwijzers-examen. Het was 1937 en in die moeilijke tijd kon hij geen aanstelling als onderwijzer krijgen. T. Mateboer werkte enige jaren als 'kwekeling met akte' in Rijssen en begin 1940 was hij werkzaam in Genemuiden als gymnastiekleraar voor de lagere scholen. In 1941 volgde een benoeming in het Zeeuwse Meliskerke. Maar al gauw werd het hem hier te gevaarlijk. De dreiging van de bombardementen op de Walcherse dijken deed hem in de schoolvakantie van 1943 besluiten een baan te nemen bij de hervormde school voor Lager Onderwijs in Staphorst. Na de executie van enkele Staphorsters, waaronder zijn hoofdonderwijzer de heer Boldewijn, besloot hij onder te duiken. Inmiddels was Tiem in 1943 getrouwd in Rijssen met Janna Ligtenberg (1915-2004). Zij was lerares handwerken. Het echtpaar kreeg één dochter en drie zoons. Na de Tweede Wereldoorlog kreeg T. Mateboer een benoeming als leraar Nederlands en Duits aan de mulo in Krabbendijke. Van daaruit studeerde hij Nederlands aan de bekende leergangen van de Katholieke Economische School in Tilburg. In Krabbendijke stond hij aan de wieg van wat nu de 'Driestar' (Reformatorisch HBO) in Gouda is. Na de Februariramp in 1953 evacueerde de school naar Utrecht en na enkele maanden vertrok T. Mateboer naar de Christelijke Mulo en VWO in Emmeloord. Daarnaast gáf hij een tijd lang Nederlands aan het VWO in Doetinchem en aan de School voor Grafische Vakken. Het beroepsonderwijs trok hem meer dan het algemeen onderwijs; vanaf 1965 was hij verbonden aan de HTS in Groningen voor het vak Nederlands. T. Mateboer was een energiek en enthousiast mens en beschikte over diverse artistieke gaven. Enerzijds kwamen deze gaven hem goed van pas in zijn werk. Anderzijds verschaften ze hem de mogelijkheid om, naast het leraarschap, op publicitair vlak naar buiten te treden. Al tijdens de kweekschoolperiode bleek zijn teken- en schildertalent. Behalve het onderwijzersdiploma, behaalde T. Mateboer de hoofdakte, LO- en MO-Tekenen, Schoonschrijven, LO-Handelskennis, LO- en MO-Duits en MO-Nederlands. En dat allemaal in de avonduren! Ook leefde hij zich uit in reclame-ontwerpen. Bekendheid kreeg bijvoorbeeld zijn reclameplaat voor het eerste zwembad in Genemuiden: een zwemmer die van de duikplank duikt, met als bijschrift: "leert zwemmen gelijk een ruutvoorn" (bijnaam van de Genemuidigers!). Ook maakte T. Mateboer tal van schilderijen, aquarellen en pentekeningen, waarvan er enkele in de plaatselijke oudheidkamer te zien zijn. Als publicist richtte Mateboer een tijdschrift op: het Reformatorisch Gezinsblad. Hij schreef diverse artikelen in De Gezinsgids en in het Reformatorisch Dagblad. Verder was hij oprichter en eigenaar van de Christelijke Uitgeverij, waar ook enkele van zijn eigen boeken werden uitgegeven. T. Mateboer publiceerde enkele plaatwerken en redigeerde de totstandkoming van een aantal verzamelbundels. Als geboren en getogen Genemuidenaar was het Genemuider dialect hem zeer dierbaar. Regelmatig publiceerde hij gedichten en korte stukjes in het "Gaellemunigers" in de Stadskoerier. In 1973 was T. Mateboer dan ook mede-oprichter van de Gaellemuniger Taelkrink, de plaatselijke vereniging voor het behoud van het specifiek Genemuider taalgebruik. Ook was hij een actief lid van de Stichting Vrienden van Oud Genemuiden. In die hoedanigheid was hij een tijd lang betrokken bij het bestuur van de stedenvriendschap Genemuiden- Emlichheim, waarvoor T. Mateboer contactavonden verzorgde. T. Mateboer was iemand die zelf niet graag op de voorgrond trad, maar genoot ervan om zijn kennis en ervaring aan anderen uit te dragen. Dikwijls verzorgde hij een lezing voor een gezelschap over Bijbelse onderwerpen of episoden uit de vaderlandse geschiedenis. Maar zijn grootste bekendheid verwierf T. Mateboer met zijn boeken, waarvan sommige door hem zelf werden geïllustreerd. T. Mateboer schreef ze voornamelijk voor de jongeren en ze handelen over de regionale en vaderlandse geschiedenis. Sommige van zijn romans hebben autobiografische elementen: gebeurtenissen uit zijn leven of uit dat van zijn familie spelen daarin een bepaalde rol. Zijn lijst van publicaties is omvangrijk en telt maar liefst vijftig boektitels! T. Mateboer schreef ze in de periode van 1938 tot 1984. Na zijn pensionering in 1982 verhuisde T. Mateboer naar Enter. Hier kwam hij, na een zeer werkzaam en productief leven, op 9 mei 1989 te overlijden.
bezoek ook onze overige sites: