jaap en kees zijn in de wei.
ze gaan naar een schaap.
dat is mijn schaap, zegt
jaap trots.
ik kreeg het van oom bas
jaap heeft ook een hut
in de wei
daar speelt hij met kees
maar wat is dat?
loopt er een stier naar de hut?
pas op! roept Jaap
heel stil zijn!
dan hoort de stier ons niet